De blauwe aders van Bree-Eik
Sommige beken rond Bree-Eik verdwenen ooit onder de grond. Vandaag proberen we waar mogelijk het water opnieuw zichtbaar door het landschap te laten stromen.

Een landschap wordt niet alleen gevormd door wat erboven groeit.
Ook water bepaalt waar akkers, graslanden, bossen en planten zich kunnen ontwikkelen.
Op Bree-Eik is dat verschil goed zichtbaar. De hogere en drogere gronden zijn geschikt voor akkerbouw. Lager in het landschap worden de gronden vochtiger en vinden we graslanden. Nog dichter bij de waterlopen ontstaan natte zones, moerasbos, poelen en beken.
Water vormt zo een natuurlijke structuur door het landschap.
Maar een deel van die structuur verdween.
Toen beken buizen werden
In het verleden werden verschillende kleine waterlopen ingebuisd. Door een beek onder de grond te stoppen, kon het perceel erboven gemakkelijker worden bewerkt en kon landbouwgrond worden ontwaterd.
Voor de landbouw leverde dat bruikbare grond op.
Ecologisch verdween er tegelijkertijd een leefgebied.
Een stromende beek biedt immers andere omstandigheden dan stilstaand water in een poel. Verschillende planten en dieren zijn juist van dat stromende water en de bijbehorende oevers afhankelijk.
Het water opnieuw zichtbaar maken
Op Bree-Eik proberen we daarom waar mogelijk oude waterlopen opnieuw open te leggen.
Het water krijgt opnieuw ruimte om bovengronds door het landschap te stromen. Langs de beek worden bredere oevers voorzien waar vegetatie zich kan ontwikkelen.
Het biodiversiteitsdocument noemt deze waterlopen treffend de blauwe aders van het landschap. Na ongeveer drie jaar was langs herstelde trajecten al een hoge plantenrijkdom zichtbaar.
Verbinden in plaats van afzonderen
Net zoals een haag verschillende stukken landschap met elkaar kan verbinden, kan een beek dat ook.
Ze loopt langs graslanden, akkers en bossen en creëert onderweg telkens andere omstandigheden.
Daarom bekijken we water op Bree-Eik niet alleen als iets dat moet worden afgevoerd.
Het hoort bij het landschap.
En waar het kan, geven we het opnieuw ruimte om dat landschap mee vorm te geven.


Lees ook

Meer tijd voor de veldleeuwerik
De veldleeuwerik broedt nog op de velden van Bree-Eik. Om hem daar ruimte voor te geven, passen we op sommige percelen zelfs ons maaischema aan.

Biodiversiteit op Bree-Eik
Biologisch boeren is voor ons de basis. Maar landbouwgrond is ook leefgebied. Daarom maken we op Bree-Eik bewust ruimte voor planten, insecten, vogels en andere dieren.

Een akker die meer voortbrengt dan een oogst
Op één van onze graanakkers staat niet de maximale opbrengst centraal. Hier proberen oude akkerplanten opnieuw een plaats te vinden.